Nieuwe wijnen
-
J.C. Bachelet & Filsbekijk dit domein -
Bouzereau - Gruèrebekijk dit domein -
François Charles & Filsbekijk dit domein -
Fougeray de Beauclairbekijk dit domein -
Jérôme Galeyrandbekijk dit domein -
Florent Garaudetbekijk dit domein
Parigot, Père & Filsbekijk dit domein
Rollin, Père & Filsbekijk dit domein
Download het bestelformulier
Bourgogne - De Côte d’Or
De Bourgogne bestaat uit
een vijftal districten, waarvan Beaujolais en
Chablis zeker bij het brede publiek bekend zullen zijn. De ware
wijnkenner weet
echter, dat uit het kleine district de “Côte
d’Or” beginnend ten zuiden van
Dijon, de echte wereldberoemde wijnen komen.
De Côte d’Or is een langgerekte heuvelrug, die zich
naar het zuidoosten
uitstrekt, vandaar de naam d’Or (van: Oriënt).
Anderen beweren dat de naam is
ontleend aan het feit, dat vlak voor de oogst de herfstzon een gouden
gloed
over de wijngaarden geeft.
Het noordelijk deel van deze 50 km lange, met wijnstokken beplante helling heet “Côte de Nuits” en het zuidelijk deel “Côte de Beaune”. Achter de beide Côtes (hellingen) liggen de hoger gelegen appellations: “Hautes Côtes de Nuits” en “Hautes Côtes de Beaune”. De wijnen hier gemaakt, zijn door de gemiddeld lagere temperaturen, iets lichter dan wijnen van de Côte zelf, maar de prijs maakt dit meer dan goed.
De druiven
Uit de Côte d’Or komen vrijwel uitsluitend
cépage
wijnen, dat wil zeggen wijn gemaakt van één
enkele
druivensoort. Als witte druif gebruikt men voor de kwaliteitswijnen
Chardonnay, terwijl voor rode Pinot noir verplicht is. Door de grote
diversiteit aan bodemgesteldheid, leveren de druiven van iedere
wijngaard een wijn op met een ander karakter.
De wijnmaker
De wijngaarden behoren slechts zelden toe aan één
eigenaar; de meeste boeren bezitten slechts enkele rijtjes wijnstokken
van een akker. Maar omdat ze wel veelal op diverse plaatsen bezittingen
hebben, is het natuurlijk fantastisch proeven in hun kelders. Wijn
afkomstig uit één en dezelfde wijngaard, maar
door
verschillende boeren bereidt, smaakt vaak heel anders. Op een grote
naam afgaan is dus niet voldoende, want het vakmanschap van de
wijnmaker bepaalt hier de kwaliteit!
De classificatie
De classificatie in dit district begint bij de Aligoté (van
de
gelijknamige druif) en de Passe-tout-grains (een mengsel van Pinot noir
en Gamay) gevolgd door de regionale wijnen: Bourgogne Blanc en Rouge en
de Hautes Côtes de Beaune c.q. Nuits. Daarna volgt de
appellation
van de villages onder vermelding van het dorp van herkomst (zoals:
Chassagne, Pommard, Beaune, Meursault) en dan de 1°
Cru’s,
afkomstig van kwalitatief hoger aangeschreven wijngaarden binnen de
grenzen van de gemeente (meestal voorzien van de naam van de
betreffende wijngaard). De Grand Cru’s sluiten de rij; wijn
afkomstig uit één enkele wijngaard met een geheel
eigen
appellation, zoals: Echézaux en Corton Charlemagne. Veel
dorpen
in de Côte d’Or hebben aan hun naam, die van de
beste
wijngaard binnen hun grenzen toegevoegd, zoals: Pernand Vergelesses,
Gevrey Chambertin en Puligny Montrachet.
Drinkadvies
Drink wijnen uit de Côte d’Or uit een zo groot
mogelijk
glas, om het bouquet volledig tot zijn recht te laten komen. Serveer
rode wijn onder kamertemperatuur (16-18 °C) en witte iets
koeler
(12-14 °C) en dus niet zo uit de koelkast! In de buitenlucht
komt
de geur en smaak van vooral de rode wijn het best tot zijn recht.
Wijnjaren
Wanneer men in de Bourgogne spreekt van een groot jaar dan houdt dit
in, dat de wijn lang houdbaar is en op zijn hoogtepunt fantastisch
smaakt. Denk hierbij voor rode wijn aan de jaren 1985, 1990, 1999, 2002,
2005 en 2008. Een nadeel is echter, dat wijnen uit deze jaren soms wel tien
jaar flesrust nodig hebben. Wordt een fles te vroeg geopend dan bestaat
er een gerede kans, dat de wijn nauwelijks geur en/of smaak vertoont en
dat de tannine (looizuur) de overhand heeft. Wordt geduld geboden, dan
heeft er zich meestal een adembenemend bouquet ontwikkeld en een volle,
zachte smaak. Soepeler jaren zijn normaalgesproken binnen drie jaar op
dronk; een lust voor het oog en een streling voor het verhemelte. Denk
hierbij voor rode wijnen aan de jaren 2004, 2006, 2007 en 2009. Witte wijn
kan in principe altijd jong geschonken worden, tenzij het een zeer
grote wijn betreft, die kan ouderen als een rode wijn. Grote jaren voor
witte Bourgogne zijn bijvoorbeeld 1992, 1996, 2002, 2004, 2005, 2006 en 2008.
